Van Laidley naar Sydney. Binnendoor!

Laidley naar Sydney (2232 km, 23 dagen) – Eind augustus gaat BlazeAid kamp Laidley dicht. Alle 85 boeren die zich gemeld hadden zijn geholpen. In totaal is er bijna 70 kilometers hekwerk vervangen. Na net iets meer dan 5 weken in een planning te hebben gestaan is het even lastig om weer zelf onze koers te bepalen (meer lezen over de weken die we hier doorbrachten?). Nee hoor, dát is niet zo’n punt: misschien wel de grootste tegenvaller na die periode vertroeteld te zijn, is dat we nu weer elke dag zelf moeten nadenken over wat ‘te eten’!

Gelukkig rijden eerst even naar Brisbane. Waar zoveel restaurants zijn dat we daar nog even niet over hoeven wakker te liggen. We genieten na 5 weken op platteland ook stiekem weer even van ‘stadse fratsen’. Vernon Ah Kee |Neither Pride Nor CourageEen prachtige maar ook neerslachtige tentoonstelling in de Modern Art Gallery (de QAGOMA) bijvoorbeeld. De tentoonstelling heette ‘My Country, I Still Call Australia Home‘, en dan weet je eigenlijk al dat je geen vrolijke bedoeling gaat aantreffen. Keiharde verhalen over discriminatie, onrechten als uithuisplaatsing en gedwongen sterilisaties, verslavingen etc. Tja, het ís de waarheid, en ja, het zet je aan het denken, maar soms is het ook wel eens leuk om gewoon even te lachen om kunst. Maar goed, al die ellende levert wel erg mooie kunst op!

On the Brisbane RiverDat museum is overigens prachtig gelegen aan de Brisbane River, die met zijn bochtige verloop de vorm van de stad beïnvloedt. We nemen de watertaxi een middagje de hele rivier over, genieten daarna van de rock and roll van the Orchard, gaan een paar dagen lekker stads uit eten en naar de film, beleven nóg modernere kunst in het Institute of Modern Art (met dat lachen om kunst kwam het dus wel goed) en landen weer bij bekendere kunstvormen in het Queensland Museum. We genieten van de skyline by night èn krijgen na drie dagen weer genoeg van alle drukte om ons heen. De bossen weer in!

Eerste stop is Lamington National Park, een van de eerste beschermde natuurgebieden in Australië. Het is het hoogste deel van wat het Gondwana Rainforest wordt genoemd, met bijna 4000 km2 het grootste oppervlakte aan subtropisch regenwoud ter wereld. Én, omdat de huidige plantengroei elementen bevat die ook worden aangetroffen in fossielen uit de tijd dat Gondwana nog bestond, een kleine 125 miljoen jaar geleden, vernoemd naar dit supercontinent. Lamington NP, Green Mountains Section - Chalahn FallsKlein onderdeeltje ervan zijn de Green Mountains. Dat ligt dichtbij Brisbane en is op dus op zondag (de dag dat we erdoorheen rijden) vergeven van de dagjesmensen die hun opgepoetste cabrio aan het uitlaten zijn. Leuk rijden wel, de ‘scenic rim’ is inderdaad nogal scenic. Zo bochten draaiend over de top van de bergkammen met continue prachtige uitzichten, her en der watervallen en de nodige wandelingetjes door sub-tropische pockets oerwoud. Elk doorkijkje is zoals de voorkant van de brochure van dit gebied. De dag erop rijden we dieper het gebied in, van Canundra naar O’Reilly’s, en hebben we het zeker net zo mooi als  gisteren, maar dan zonder anderen. Eén van de mooiste ritten die we deden tot nu toe wellicht en ook al verwachten we dat het nog druk zou zijn zo dicht bij de stad komen we tijdens de hele stijging maar een paar auto’s tegen. Da’s maar goed ook, hard gaan we niet omhoog, maar het busje heeft er zin in! We zijn al op tijd op de camping en besluiten om vandaag de ‘niet te missen’ hike hier te doen. We twijfelen een tikje of we het nog wel halen voor het donker wordt, hij is een kilometer of 18 en nog iets; en er zit heel wat stijging in. Maar ja, over het algemeen zijn we sneller dan de aangegeven wandeltijd dus moeten we dit kunnen halen. De ranger mag het niet zeggen maar is het met ons eens. Dus hup, tas ingepakt, lunch gesmeerd en weg. We lopen het Tooloona Creek circuit; eerste stuk is vrij vlak, onderdeel van de Border Walk, de wandeling op de bergkam die hier de grens vormt tussen Queensland en New South Wales. Al snel verlaat ie dat pad en zijn we omringd door kronkelige antarctic beech trees, een boomsoort uniek voor deze omgeving en tot wel 12000 jaar oud! Via Picnic Rock, de Elabana Falls, de Tullerigumai Falls en de Tooloona Falls bereiken we, ongeveer op de helft na net geen halve dag lopen, de uitkijk. In die tijd zijn we maar liefst 4 soorten regenwoud doorgelopen; warm én koud subtropisch, warm én cool gematigd regenwoud. Geen idee welk precies wanneer was, maar dat er verschil is, was goed te zien, ruiken en voelen! En het bizarre, er staan hier varensoorten die al bestonden zelfs voor Gondwana gevormd werd!

Springbrook NP - Canyon LookoutWe rijden twee dagen later door naar Springbrook National Park: het park waarin Mt. Warning ligt is onderdeel van de caldera (een enorme vulkaankrater) van de Tweed-vulkaan. De bergen hier zijn daardoor grilliger dan de afgelopen dagen, en de wegen zijn nog kronkeliger. Alsof dat kon! Het busje heeft er opnieuw geen problemen mee, en wij ook niet! Wellicht zijn dit wel de meeste bochten op 1 dag van ons hele verblijf in Australië.

Springbrook NP - Natural BridgeWe bezoeken de Natural Bridge in Numinbah Valley, waar het water wat naar een waterval stoomt ook deels in de ondergelegen grot terechtkomt. Het stroomt door een groot gat in het plafond; zonlicht erop in een donkere grot, prachtig effect! De rest van de middag rijden we heen en weer tussen de meest vergezichtgevende uitzichten; een van de mooist inderdaad de ‘Best of all-lookout‘. Lookouts dus vandaag.

En, in de verte zien we de hoogbouw en de pretparken van deze costa brava van Australië namelijk Surfers Paradise, al liggen…wij proberen daar nog even weg te blijven.

Net als in Lamington resteren hier ook forse plukken enorm oud regenwoud, en vooral de ook hier her en der nog voorkomende antarctic beech-forests krijgen hier goed de aandacht. Wij zetten een kruisje op de kaart hier; prachtige Queenslanders met veel grond, frisse lucht, overal water, natuur om je heen: het is hier vast heel goed wonen.

Go Burleigh!Helaas, er komt een einde aan… we rijden de heuvels uit en belanden via een hele serie drukke wegen (die we toch echt waar het kan proberen te vermijden) aan in wat een wereld van verschil is met het begin van de dag; een drukke camping, omringd door hoogbouw, onder een bruine wolk van smog; pensionado- (en surf-) dorp Burleigh Heads, waar een bloedstollend potje lawnbowls aan de gang is. Maar waar verder niet heel veel gebeurd (vandaag of wellicht nooit niet).

De komende dagen rijden we weer langs de kust naar beneden. Eerste stop, Fingal Head is al direct leuk genoeg om 3 dagen te blijven hangen. Er is helemaal Cook Island voor de kust van Fingal Headniets te doen behalve zwemmen, walvissen spotten (!) rondom het hiervoor gelegen Cook Island en verse vis eten. Prima.

Ongemerkt gingen we de grens van Queensland naar New South Wales over, bijna full circle dus (en bijna 37000 km op de teller)! We rommelen een beetje zuidwaarts langs de kust hier; via Byron Bay, Evans Head om uit te komen in het minuscule Brooms Head. Waar we herhalen wat we in Fingal Head al oefenden: niets. Het is hier zo stil, het lijkt wel altijd zondag! Het uitgestorven dorp vol vakantiehuisjes loopt naadloos over in het Yarugir national park, de kreek die erdoorheen loopt en in zee uitkomt zit vol met vogels en de kangoeroes die er net zo hard lummelen als wij worden amper verstoord door ons verschijnen. Rest van onze dagen besteden we aan dagboek bijschrijven, blogupdates maken en een duikje in zee op zijn tijd. Als een stel kinderen in de eigenlijk veels te hoge golven springen tot het eng werd. En ook eens écht nadenken over de te volgen route naar Tasmanie!

Brooms Head, NSW

Na bijna een week aan het strand hier is de koelkast leeg. We draaien het land in via Coffs Harbour, waar we naast een serieuze berg boodschappen ook een rondje in de Cartoon Bunker deden (in plaats van een opnieuw door teveel wind in het water gevallen duik voor de kust). Bizar om zo’n klein dorp zo’n enorme reputatie te zien hebben op het gebied van spotprenten. Meer dan 20.000 moderne comics en cartoons, vrijwel gratis toegankelijk en beheerd/gecureerd door vrijwilligers (kijk, en zo eentje als deze kan natuurlijk alleen maar hier getekend worden…). Verder staat Coffs Harbour bekend om het Big Banana-themepark en de Clog Barn, een Nederlands miniatuurdorp/klompenmakerij/pannenkoekenhuis. Die hebben we beiden aan ons voorbij laten gaan.

Bellingen - Jack Feeny Tallowwood (58 mtrs)Meer natuur! En uiteraard bijna ondertussen, meer watervallen! We gaan richting Dorrigo, de bergen in. En, niet zomaar de bergen in. Nee; dat moet via een nog veel kronkeliger, onverharde en her en der glibberige weg, de slingerende bergpas door Bellingen. Want…daar staat namelijk één van de grootste bomen van de staat, en die kan je niet missen! Die boom is inderdaad enorm, en tja, de weg is ook wel echt te gek. Plezier dus!

Halverwege de middag komen we aan in Dorrigo. En opnieuw een vinkje op de kaart; een prachtig geconserveerd tweestratendorpje met nog heel actieve kroeg, hardwarezaak, antiekzaak, een bakker, een supermarktje en een snoepwinkel. Compleet dus. En…met een hele mooie waterval ook nog! ViewNaast die Dangar falls besluiten we te kamperen. Terwijl de waterval amper hoorbaar achter de heuvel naar beneden raast, is het uitzicht sereen te noemen; weids en groen en bevolkt door wat roofvogels en een enkele verdwaalde koe. Verstild. En met een enorme sterrenhemel ‘snachts.

De dag erop volgen we de Waterfall way; 185 kilometer smal en bochtig langs een hele serie vrij imposante watervallen; zoals de Dangar Falls, de Crystal Shower Falls en de Ebor Falls. Na al die watervallen zijn we  langzaam aan wat meer inland gegaan; de heuvels werden minder uitgesproken, meer uitgestrekt. En het is weer een stuk droger hier. We overnachten aan de Chaffey Dam, een klein stuwmeertje. Met vissen die bij ons ontbijt in spiegelglad water hun kunstjes vertonen, pelikanen die er zich ogenschijnlijk niets van aantrekkend langszwemmen, felgekleurde papegaaien/lorekeets die hun positie in de bomen kiezen voor de rest van ongetwijfeld opnieuw een warme dag en een kudde koeien die in een loodrechte lijn ten opzichte van het water de kant van het meer afwerken, al het vannacht gegroeide gras vakkundig weg-etend.

Hanging Rock CemeteryDe vallei hierachter begint al heel snel weer bergopwaarts te lopen en ‘in zijn 1’ rijden we ineens naar 1300 meter hoogte! We zijn in het wilde westen van New South Wales; we treffen her en der nogal wat goudzoekersgeschiedenis aan: als we bijvoorbeeld terugkeren van het ‘Hanging Rock’-uitkijkpunt rijden we direct tegen een oud begraafplaatsje aan met een informatiepaneel. Nu is het een doodstil stuk bos, maar in de tweede helft van de 19e eeuw een paar jaar lang een nogal levendige gemeenschap van bijna 20000 man! We lazen over Yankee Jack die het hier tot zijn 86e uithield, de chinezen die levend begraven werden in een ingestorte mijn en de goudbeluste zoon van de directeuren van het Ashton circus (wat in 1850 op Tasmanië opgericht werd en nog steeds bestaat). Bizarre gedachte ook dat er hier serieuze hoeveelheden goud uit de grond zijn gehakt. En misschien nog steeds wel liggen….. En dat ‘wilde’ hield niet op na de goudzoekerstijd; tussen 2005 en 2011 verschanste een zware crimineel zich nog 6 jaar in de bossen hier. Een verhaal wat een van de weinige andere mensen die we hier tegenkomen smeuïg opdient (lekker net voor je 50 kilometer onverharde z-weg opgaat)!

Long, winding and dusty

 

Goed, geen rarigheid tegengekomen (of je moet de eerste échte slang die we zien meerekenen!) en een dag later zijn we weer aan de kust, een hele andere soort kust dan die we 150 kilometer noordelijk verlieten. De Myall lakes zijn een serie zoetwatermeren gescheiden van de zee door een rij enorme duinen. Een plek waar aboriginals al duizenden jaren lang komen vissen en waar wij nu even te gast mogen zijn. Heerlijk warme wandeling erin/over, en een geweldig uitzicht naar zee! En dan zijn we, twee uur later ineens op een heel bekend kruispunt in Newcastle. Hier waren we 4 december voor het laatst: het is nu eind september! Echt full circle!Myall Lakes

Toen hadden we haast om er te komen vanuit Sydney, we wilden écht op pad en namen toen de kust-snel-weg. Die haast hebben we allang niet meer; binnendoor naar Sydney dus. En gelukkig maar, want het Ku-Ring-Gai National Park zou zonde zijn geweest om te missen! Het wordt voor de lezer wellicht saai, maar een bochtig parcours door de mangrovebossen langs de kust en vervolgens langs de Hawkesbury-rivier, laat ons een hele dag plezier hebben.

Na de overtocht bij Wisemans Ferry slingeren we over de, in de 19e eeuw door veroordeelden aangelegde (en nu als UNESCO-erfgoed ingeschreven, vink!), Great North Road, Sydney in via de buitenwijken. Nationaal Park Lane Cove op een 20 minuten metro’en van de stad is de eindbestemming. Laidley naar Sydney, in 23 dagen; dat kan vast sneller, maar waarom zouden we!

Bekijk alle foto’s van Queensland en de laatste dagen in Queensland en de eerst week weer terug in New South Wales.

Heb je een mening? Of opmerkingen?